Columns

Dierentolk Birgitta van Spronsen

 

Intuitïef communiceren met dieren

 

 

In het tijdschrift de Bron heb ik sinds maart 2007 een vaste column:

 

Uitgave maart 2007

 

Communiceren met dieren

Birgitta van Spronsen

Birgitta van Spronsen is dierentolk. Zij heeft het communiceren met dieren o.a. in Amerika bij Carol Gurney geleerd.Birgitta probeert via deze rubriek inzichten te geven over het gevoelsleven van dieren en vertelt over ervaringen in haar praktijk.

 

Er valt heel veel te vertellen over het gevoelsleven van dieren. In mijn praktijk maak ik hele bijzondere en ontroerende dingen mee. Misschien is het handig als ik eerst even uitleg wat een dierentolk doet.Via het leggen van telepathisch contact met een dier kan men fysieke ervaringen waarnemen in de vorm van beelden, geluiden, woorden of ge-voelens. Deze telepathische manier van communiceren is niet aan afstand gebonden. Voor dieren is het een natuurlijke manier van communiceren, voor ons is het een ‘zesde zintuig’ dat wij niet meer gewend zijn te gebruiken. Zoals wij een vreemde taal kunnen leren spreken, kunnen we ook leren om met dieren te communiceren. Dieren hebben een zeer complexe gevoelswereld en via deze intuïtieve waarneming kunnen wij hun wereld binnentreden.Ik werk altijd op afstand en gebruik hiervoor een foto van het dier. Tijdens mijn talloze consulten met dieren realiseerde ik me hoe eerlijk, scherpzinnig en openhartig dieren waarnemen, en hoe zij door hun grote betrokkenheid onder bepaalde (familie)omstandigheden kunnen lijden.Door de communicatie met dieren probeer ik de stilte te doorbreken en dingen in een ander licht te laten zien. Dieren zijn hierbij een oneindige bron van waardevolle informatie voor mij. In mijn praktijk werk ik veel met dieren met gedragsproblemen.Ten minste dat vindt de eigenaar. Het dier zelf ziet dit vaak toch iets anders. Af en toe is de uitleg die het dier geeft over een bepaald ‘probleem’ gewoon hilarisch en soms zitten oplossingen in hele kleine dingen. Zo heb ik met een paard gecommuniceerd dat plotseling niet meer wilde eten en depressief gedrag vertoonde. Na een kort gesprek bleek dat het paard zijn maatje miste dat jaren naast hem stond en dat zomaar was verdwenen. Na overleg met de eigenaar kon zijn maatje weer op zijn oude stal teruggezet worden en het probleem was direct opgelost.

Een andere keer kwam ik in contact met een hond die opeens onophoudelijk tegen de terassdeur zat te blaffen en niet meer wilde stoppen. Tijdens het gesprek bleek dat zijn rode bal in de tuin van de buren lag. Na een kort overleg met de buren en het terugbezorgen van zijn bal keerde de rust terug. Helaas kom ik in mijn werk als dierentolk niet alleen maar gemakkelijke vragen tegen. Sommige eigenaren voelen bijvoorbeeld behoefte om in de laatste levensfase van hun dier erachter te komen of een dier pijn lijdt. Wat zijn de klachten? Is het dier al bereid om afscheid te nemen van het leven? Heeft het hierbij hulp nodig? In deze gevallen kan een consult naast een uitgebreid onderzoek bij de dierenarts informatie geven over de wensen van een dier in deze laatste fase. Hierover zal ik in een volgende rubriek uitgebreid schrijven. Ook over consulten met overleden dieren wil ik graag iets in deze rubriek kwijt en misschien kan ik daarmee wat angst, pijn en schuldgevoelens een beetje verlichten.

Ik hoop de lezer een kleine blik in mijn werk te bieden en misschien kan ik die ene of andere vraag beantwoorden die men altijd al graag wilde weten.

------------------------------------------------------------

 

 

Uitgave mei 2007

Marie of Antoinette?

Een van de eerste dingen die mij tijdens mijn consulten als dierentolk zijn opgevallen was hoe belangrijk een naam voor een dier kan zijn. Met enige regelmaat klaagden sommige dieren over hun namen zonder dat ik er een vraag over stelde. Sindsdien lette ik er op en probeerde aandachtig te luisteren waarom dieren hier zo mee bezig zijn. Ik ben erachter gekomen dat ze het heel fijn vinden als een naam bij hun past en de eigenaar de naam met de goede intentie uitspreekt. Wij hebben allemaal een bepaald beeld bij een bepaalde naam. Als je bijvoorbeeld iemand kent die Johan heet en je vind deze persoon heel erg aardig dan zal je in de toekomst als je deze naam hoort de naam met iets positiefs associëren. Heb je echter heel slechte ervaringen gemaakt met iemand van deze naam zal je automatisch wantrouwend of minder aardig reageren op deze naam. Aangezien onze dieren heel erg gevoelig zijn voor onze stemmingen vangen ze deze "vooroordelen" feilloos op. Tijdens een van mijn consulten had ik contact met een heel schattige buldogdame, die uit gemakzucht gewoon Pitbull werd genoemd. Deze hond vertoonde uiteindelijk gedragsproblemen en maakte zijn eigenaar het leven behoorlijk zuur. Toen ik haar vroeg waarom zij voor de zoveelste keer de postbode lastigviel, vertelde zij: "Om te beginnen heet ik pitbull en iedereen die mijn naam hoort schrikt automatisch en is bang voor mij. Ik heb niet eens een echte naam, dus hoe moet ik mij dan gedragen? "De eigenaar kon dit wel plaatsen en beloofde zijn hond voortaan Prinses te noemen en deze kleine buldog begon haar nieuwe naam steeds meer eer aan te doen. Mensen die hem hoorden roepen "prinses" keken vertederd om en waren helemaal niet bang voor haar. Zelfs de postbode kon gewoon weer zijn werk doen. Iedereen zag opeens de schattige en leuke hond die zij was. In dit geval deed een naamsverandering dus wonderen. Dieren vinden het vaak ook niet fijn als ze de naam krijgen van een overleden huisdier en de zoveelste Bono worden. De eigenaar realiseert zich vaak niet dat hij automatisch een beeld in zijn hoofd heeft van zijn overleden dier. Hierdoor kan een nieuwe huisgenoot heel verward reageren of niet naar zijn naam luisteren. Het verwachtingspatroon van de eigenaar naar het nieuwe dier is vaak te hoog en soms kan ook nog een hoop verdriet meespelen. Ieder nieuw dier in huis is uniek en wil ook graag zo behandeld worden. Dieren zijn hier gevoeliger voor dan wij denken. Voor mijn aanstaande nieuwe familielid had ik de prachtige naam Luna uitgezocht met in mijn achterhoofd dat de naam uiteraard wel moest passen bij haar karakter. Maar wat paste deze zorgvuldig uitgezochte naam niet. Bij Luna had ik de voorstelling van rust, levenswijsheid, en bedachtzaamheid. En wat was onze nieuwe pup toch anders. Deze hond gaf het woord hyperactiviteit weer een heel nieuwe betekenis en zij hield ons aardig op dreef. Iedere modderpoel was van haar en er zal en moest in alles gerold worden wat ook maar enigszins leek op smerig en vies. Iedere plant, iedere kabel, bankstel, medicijnen, lamp of schoenen waren niet veilig en ook de deuren en ramen moesten het ontgelden. Wij hadden de grootste lol met haar en ze wist ons behoorlijk in te pakken met haar charmes. Al gauw noemden wij haar gekscherend "wilde Mathilde". Na een aantal weken heb ik de knoop doorgehakt en haar een nieuwe naam gegeven. Ze heette voortaan Kimba. Dit paste bij de essentie van haar vrolijke, gelukkige, charmante en onstuimige karakter. Als ik haar naam uitspreek moet ik altijd een beetje lachen en als ze dan weer in volle vaart aangelopen komt als ik haar roep weet ik dat deze naam bij haar past. Schroom dus niet je dier een andere naam te geven. Als deze nieuwe naam goed past en hij hem leuk vind zal het dier hier heel snel aan gewend zijn. Vaak is dit ook een goede optie als je dier bijvoorbeeld nare ervaringen heeft meegemaakt in het verleden. Hierdoor kan je hem een hele nieuwe start geven en zal hij alleen maar blij zijn dat er geen herinneringen meer kleven aan zijn naam.

----------------------------------------

 

 

Uitgave juli 2007

Twee Schildpadden op spreekuur

 

Graag wil ik de lezer eens voorstellen aan Dolly en Brutus. Met dit "stel" schildpadden en een aantal soortgenoten heb ik al diverse "gesprekken" mogen voeren en ik ben iedere keer weer zeer verrast over de belevingswereld van deze bijzondere dieren. Zo heb ik deze dieren een behoorlijk inzicht gekregen hoe ze hun winterslaap beleven en dat ze hun verzorger op een hele speciale manier kunnen herkennen. Ook de manier waarop ze met elkaar omgaan en wat ze voor elkaar betekenen hebben bij mij een diepe indruk achtergelaten. Eerlijk gezegd dacht ik altijd dat schildpadden o.a. door hun missende knuffelgehalte misschien een beetje saaie huisgenoten zijn. Maar inmiddels weet ik wel beter.

Een tijdje geleden ben ik weer door de trotse eigenaar benaderd om deze keer een wel heel apart "probleem" op te lossen. Dolly en Brutus, die hij met veel zorg behandelde, waren het binnenhok van een groot buitenverblijf binnengelopen en weigerden al geruime tijd eruit te komen. Wat hij ook aan lekkernijen aanbood, geen haar op hun hoofd dat ze naar buiten kon lokken. Ten einde raad belde hij mij op omdat hij bang was dat ze uit zouden drogen of te weinig voeding binnen zouden krijgen. Nadat ik het stel wat gerust had gesteld begon ik eerst wat algemene vragen te stellen. Dolly vertelde dat zij pittige kleine korreltjes had gegeten maar de smaak heel vies vond. De eigenaar vertelde dat zij inderdaad een bord nasi op het terras had "gevonden". Verder was zij zeer te spreken over haar huisvesting maar had toch nog hier en daar wat wensen en verbetervoorstellen. Ze raakte ook niet uitgepraat over haar "partner" die blijkbaar behoorlijk opdringerig kon zijn en haar geregeld lastig viel. De liefde was dus nog niet echt wederzijds. Toen vroeg ik aan haar waarom ze het hok niet uit wilde komen, en zij vertelde dat er een slang in haar hok zat. Dit leek mij sterk, dus vroeg ik het ook aan Brutus. Ook hij was ervan overtuigd dat er een eng beest in zijn buitenren verbleef en weigerde zijn binnenhok te verlaten. Verder wilde hij hier niet al te veel over kwijt en zei dat hij Dolly wel zou volgen als zij naar buiten ging. Ik kon mij dus niet voorstellen dat er een slang in hun verblijf zat maar heb in de loop van de jaren wel geleerd dat je de gesprekken beter precies op dezelfde manier aan de eigenaar kan vertellen, zoals je het van de dieren hebt ontvangen. Vaak weet hij of zij hier wel raad mee. Ik vertelde dus de eigenaar hun verhaal en vroeg of er misschien een tuinslang in de buitenren lag en dat zij dit misschien bedoelden, maar hij wist vrij direct waar zij het over hadden. Hij had voor het eerst een courgette, die nogal groot was uitgevallen en een gebogen vorm had, als extra lekkernij in de ren gelegd en dit leek op een afstand inderdaad op de vorm van een slang. Wij moesten er allebei een beetje om lachen maar een halfuur later belde hij mij op met de mededeling dat hij de courgette verwijdert had en dat Dolly met Brutus in haar kielzog samen naar buiten waren gekomen.

-------------------------------------------------

 

 

Uitgave september 2007

Ouderdom bij dieren

 

In mijn praktijk als dierentolk heb ik regelmatig gesprekken met dieren "op leeftijd". Een eigenaar komt dan bij mij met de opmerking: "mijn dier gedraagt zich opeens wel heel erg vreemd, het lijkt een beetje op het gedrag van mijn oma met Alzheimer?" Het dier is zich van geen kwaad bewust en weet helemaal niet waar de eigenaar het over heeft. Eerlijk gezegd zijn deze consulten voor mij altijd heel leerzaam en vertederend. De manier waarop oudere dieren tegen de wereld aankijken verbaasd mij telkens weer. Zelf heb ik gelukkig veel van mijn dieren mogen begeleiden in deze fase, waarin een dier toch wat onzeker kan worden en extra aandacht nodig heeft. Soms wordt deze periode door ziekte nog zwaarder. Door ouderdom kunnen ook de organen wat minder functioneren en de zintuigen achteruit gaan, zodat je dier op den duur doof kan worden of veel slechter kan ruiken of zien. Wat veel eigenaren zich niet realiseren is dat een oud dier, net als mensen met Alzheimer, bepaalde gedragsveranderingen kan vertonen. Honden kunnen bijvoorbeeld onzindelijk worden. Soms herkennen zij hun huisgenoten niet meer of lopen straal aan hun eigen huis voorbij. Sommige worden ook weer heel speels en vertonen puppygedrag. Anderen worden 's- nachts heel onrustig omdat hun dag- nachtritme is verstoord. Het lopen en opstaan gaat wat moeilijker en de dagelijkse wandelingen lijken opeens drie keer zo lang. Ook verlatingsangst kan opeens optreden bij de oudere hond. Soms hoor ik ook van hondenbezitters dat hun hond opeens naar vliegen gaat happen of blaft naar dingen die er volgens ons niet zijn. Bono was bijvoorbeeld een hond van een klant die op hoge leeftijd opeens de tuinman, die hij al die jaren resoluut over het hoofd had gezien, heel voorzichtig aan zijn broekspijp mee naar binnen trok en niet eerder stopte met blaffen voordat hij ging zitten. Na een consult en wat geduld van de eigenaar kon dit probleem gelukkig verholpen worden. Hij was gewoon verward en leed duidelijk aan dementieverschijnselen. Soms lijkt het erop dat een oudere hond opeens ongehoorzaam gaat worden, maar in veel gevallen zijn ze gewoon hun training vergeten. Ik heb tijdens mijn consulten met oude dieren niet meegemaakt dat een dier opzettelijk dwars gaat doen.Juist in deze periode heeft een dier speciale zorg een aandacht nodig. Een extra bezoek aan de dierenarts is vaak ook geen overbodige luxe.

De wijsheid en de uitdrukking op de vaak grijze of witte snoetjes van een echte senior is al die moeite meer dan waard. Ik vind het een cadeau om mijn dieren oud te zien worden en juist nu de tijd met hun extra te genieten.

Gelukkig zijn er nog genoeg dingen waarmee wij hun leven nog levenswaardig kunnen houden. Oudere dieren mogen dan wel niet meer zoveel beweging nodig hebben, maar dat wil niet zeggen dat wij ze geestelijk niet "aan het werk" kunnen zetten. Hoe meer een oud dier wordt gestimuleerd, hoe langer zal het actief blijven. Als je dier dit leuk vind, zijn er bv spelletjes te koop waarin je het dagelijkse droogvoer in kan doen, zodat je hond extra moeite moet gaan doen om het voer te veroveren. Ook zoekspelletjes kan hij/zij nog best uitvoren. Er zijn zelfs voldoende "denkspelletjes" voor dieren waarbij ze hun hersenen nog aardig moeten gaan gebruiken. Als de hond niet meer zo goed kan lopen is het handig hem met de auto mee te nemen zodat hij geregeld een andere uitlaatplek heeft.Ook op het gebied van voer zijn er de laatste jaren ontwikkelingen geweest. Zij kunnen er evt. voor zorgen dat het verouderingsproces makkelijker verloopt en de levenskwaliteit nog kan verbeteren. Een ouder dier heeft tevens veel behoefte aan structuur. Ook voor paarden zijn er inmiddels een aantal fijne stallen waar een oud paard samen met zijn leeftijdsgenoten van zijn oude dag kan genieten, als een eigenaar zelf de zorg niet meer op zich kan nemen. Graag wil ik een lans breken voor ons oude "mededier" die nog net zo veel plezier in het leven kan hebben als een jong dier, maar die alleen wat extra zorg en geduld vraagt. Geniet vooral van de laatste jaren van je dier, waar je inmiddels mee kan lezen en schrijven en dat aan een oogopslag genoeg heeft. Ook al horen bepaalde gebreken wel bij het ouder worden. De dierenarts is toch wel de aangewezen persoon, die een aantal middelen tot zijn beschikking heeft om de mentale achteruitgang van de oude hond af te remmen en die in deze fase nog veel voor deze dieren kan betekenen. Ook tijdens een telepathisch consult kunnen wij deze dieren nog goed begeleiden en hun gerust stellen en uitleg geven over bepaalde situaties waarin zij de weg niet meer goed kunnen vinden.

-------------------------------------------------

 

 

Uitgave november 2007

Als je dier sterft- het grote afscheid

 

Helaas zal er een tijd komen dat je afscheid moet nemen van je geliefde huisdier en zal je met de vraag geconfronteerd worden of het dier bereid is om afscheid te nemen en of hij hierbij hulp nodig heeft. Dit zal ongetwijfeld een van de moeilijkste beslissingen van je leven zijn. Uit eigen ervaring weet ik hoe belangrijk het is deze periode goed te begeleiden en waardig af te sluiten.Tijdens mijn training bij Carol Gurney in Amerika is hier veel tijd en aandacht aan besteed en probeer ik zelf de dieren zo goed mogelijk in dit proces te begeleiden. Soms kan deze periode zelfs een bijzondere en spirituele ervaring zijn waarbij je weet dat je dier een fijn leven bij je heeft gehad en je tot het laatste moment zijn wensen hebt gerespecteerd. Voor sommigen kan ook een consult met een overleden dier voor afsluiting en rust zorgen en misschien nog vragen beantwoorden die onduidelijk zijn gebleven. Als een dier zich in zijn laatste fase van het leven bevind, of dit nu komt door een ongeval, ouderdom, ziekte of trauma is het fijn als het hierbij extra hulp en begeleiding krijgt. Soms zijn mensen in deze periode zelf overmand door verdriet, schuldgevoel of zorg. Ik probeer in deze gevallen contact met het dier op te nemen en te achterhalen waar het dier op dat moment behoefte aan heeft. Heeft een dier bv pijn en krijgt het hiervoor al medicatie en is de dosering toereikend?Ik begeleid het dier tijdens deze laatste fase in zijn leven en probeer vragen helder te krijgen die juist nu heel belangrijk kunnen zijn. Ik probeer het sterven van het dier op deze manier zo aangenaam mogelijk te maken. Heeft het dier nog voldoende levenswil of behoefte aan een energiebehandeling/Healing? Is het dier bereid om te sterven en heeft het hierbij hulp nodig? Wil het dier nog afscheid nemen van bepaalde mensen en/of dieren? Zijn er nog dingen die het graag wil gaan doen? Allemaal vragen die gesteld kunnen worden en waar een eigenaar vroeger of later mee geconfronteerd zal worden. Ik probeer het dier als het dit nodig heeft een uitleg te geven wat er gaat gebeuren, zodat het geen angst heeft. Het dier zelf bepaalt het tijdstip waarop het klaar is zijn lichaam te verlaten en of het hierbij geholpen wil worden. Soms geeft het dier de eigenaar hierbij duidelijke tekens zodat deze weet wanneer het zo ver is. Misschien is er nog een behandelmethode en/of een alternatieve mogelijkheid het leven van het dier te verlengen zonder dat het onnodig pijn lijdt. Deze periode is misschien wel de belangrijkste fase in het contact met je dierenarts.De pijn die dit afscheid met zich meebrengt kan voor sommige mensen bijna ondraaglijk zijn. Vooral als de omgeving dan ook nog reageert met opmerkingen als; "het is toch maar een dier, dan neem je toch een ander", of "je bent nu wel lang genoeg verdrietig geweest". Mensen voelen zich vaak niet begrepen en in de steek gelaten als het daarom gaat afscheid te moeten nemen van hun geliefde dier. Op dit gebeid is ook nog nauwelijks begeleiding of hulp te vinden. Rouwverwerking van huisdieren is iets waar nog weinig aandacht voor is. Juist omdat ik zelf dieren heb verloren, die mij onvoorwaardelijke liefde hebben gegeven en ik veel moeite had met de verwerking hiervan, probeer ik via mijn werk een weg te vinden om dit proces voor zowel eigenaar als het dier iets dragelijker te maken. Wat ik hierbij belangrijk vind is het besef dat een dier vaak een belangrijk familielid is, dat vele jaren met het gezin heeft geleefd. Sommige dieren hebben een zo grote impact op ons leven, dat hun verlies zoveel pijn kan doen, dat mensen even niet meer kunnen functioneren. Er is ook geen tijdslimiet voor rouw. Als hier meer begrip voor kan komen en de dieren een betere begeleiding in hun stervensproces hebben, zijn wij mijns inziens op de goede weg. Het besef dat een dier een hoge ziel is en een belangrijke begeleider in ons leven, maakt dat ook hun sterven een belangrijke plaats in moet nemen. Sommige dieren geven tijdens consulten specifieke dingen aan die voor hen belangrijk zijn: Tira, een hele oude Golden Retriever gaf tijdens een consult aan dat zij zo graag naar haar maatje wilde, die een aantal maanden eerder was overleden en dat zij niet meer verder wilde. Haar taak zat erop en zij was zo verdrietig over het verlies dat zij koos voor een afscheid. Samen met de eigenaresse heeft Tira nog een aantal dingen gedaan die zij belangrijk vond en is toen een week later niet meer wakker geworden. Tijdens mijn consult heb ik haar voorbereid op de reis die ze zo graag wilde maken.Tira was een oude ziel en begreep wat er ging gebeuren. Zonder enkele angst heeft zij in de armen van haar baasje afscheid kunnen nemen. De eigenaresse had hier vrede mee omdat zij nog de wensen heeft kunnen respecteren van haar geliefde hond en waardig afscheid heeft kunnen nemen. Het is niet altijd het geval dat onze dieren vanzelf overlijden en soms geven ze duidelijk aan dat ze hierbij geholpen willen worden. In deze gevallen is dan de hulp van een dierenarts noodzakelijk. Veel dierenartsen komen aan huis om het dier te laten inslapen en gaan op een hele empathische manier om met dit proces. Ik denk dat de rol van de dierenarts in deze fase heel erg belangrijk is. Hij kan in alle rust van te voren uitleggen wat er precies gaat gebeuren met het dier. Euthanasie geeft ons de mogelijkheid om dieren vreselijke pijnen en onnodig lijden te besparen. Ik ga er dan uiteraard van uit dat het dier alleen geeuthanaseerd wordt als het lijdt. Een dier lijdt, als het niet meer op een dierwaardige manier kan leven en als het niet meer kan staan of lopen, geen interesse meer heeft in de eigenaar, andere dieren en omgeving, als het zich niet meer bewust is van afwijkend gedrag en als het dier niet meer kan eten of drinken. Blijft de vraag wanneer het goede moment is om deze moeilijke stap te zetten. Veel mensen vinden het heel zwaar om deze beslissing te moeten nemen. Als je vele jaren een dier in huis hebt gehad, zie je vaak zelf al hoe erg de pijn is geworden en of je dier nog voldoende levenswil heeft. Alleen kan het verdriet en de angst het dier te verliezen soms zo sterk zijn, dat de eigenaar hier hulp bij nodig heeft. De dierenarts en een dierentolk kunnen dan wellicht advies geven en samen naar dit proces toewerken. Wat belangrijk is in dit proces is dat mensen voorberied zijn op wat er gaat gebeuren, zodat het dier zonder stress afscheid kan nemen. Voor kinderen is dit ook heel belangrijk en als de leeftijd dit toelaat vind ik het vaak goed als kinderen hierbij betrokken worden. Sommige kinderen hebben veel baat bij een mooi afscheid en willen misschien nog een tekening maken voor hun dier of foto's aan het dier meegeven. Het verdriet van kinderen over het verlies van hun maatje heeft een bijzondere plek binnen het gezin nodig. Ik heb gemerkt dat de meeste dieren het fijner vinden om thuis afscheid te kunnen nemen en de aanwezigheid van de eigenaar hierbij heel belangrijk is. Hoe moeilijk dit ook is, je bent als eigenaar een grote steun voor je dier en dit is in deze fase belangrijk. Praat met je dier en laat gerust zien hoe verdrietig je bent. Je dier voelt dit toch wel. Als de tijd dan echt gekomen is neem dan op jouw manier afscheid van je dier en laat het gaan. Het lichaam dient hun niet meer. Wat mij opvalt, is dat dieren meestal niet bang zijn voor de dood. Vaak hebben ze meer moeite de eigenaar achter te laten. Dieren beseffen de onvermijdelijkheid van de dood. Zij worden niet met afgrijzen oud. Wij kunnen een dier ook nog op natuurgeneeskundige wijze ondersteunen. Naast de begeleiding van de dierenarts zijn er talloze alternatieve mogelijkheden om het dier de laatste fase nog zo aangenaam mogelijk te maken. Een gesprek met een dierentolk of sjamaan, aromatherapie, Bachbloesem, Fytotherapie, Homeopathie TTouch en Reikibehandelingen zijn aanvullende mogelijkheden.

Ik heb helaas in mijn leven al een aantal fantastische dieren verloren. Alleen weet ik nu door eigen ervaringen en door mijn werk als dierentolk dat het stervensproces naast al het verdriet ook heel bijzonder kan zijn en juist doordat dieren ons laten zien hoe ze vaak zonder angst het leven verlaten geeft mij dit weer hoop.

-------------------------------------------------

 

 

Uitgave januari 2008

Een nieuwe taal leren?

 

Tijdens de spirituele markt van de Bron op 4 november gaf ik een lezing Communiceren met dieren en mijn werk als dierentolk. Omdat de belangstelling erg groot was moesten wij helaas een groep mensen moesten die de lezing wilden bijwonen teleurstellen.Daarom wil ik in deze rubriek nog een keer kort iets vertellen over het telepathisch communiceren met dieren.

Wat betekent telepathisch of intuïtief communiceren eigenlijk:

Het betekent: geestelijke of fysieke ervaringen waarnemen in de vorm van woorden, beelden, geluiden of gevoelens. Telepathie is niet aan afstand gebonden.Telepathisch communiceren met dieren is als het leren van een vreemde taal. Als wij iemand ontmoeten die onze taal niet spreekt, gaan wij er ook niet vanuit dat deze persoon niet kan communiceren of niets te zeggen heeft. Hij of zij spreekt gewoon onze eigen taal niet. Willen wij dus op een diepere manier met dieren communiceren, zullen wij elkaars taal moeten leren.

Zoals bij ieder nieuwe taal die wij leren moeten wij ook hierbij een bepaalde basis aanleren en heel veel oefenen, anders blijft het bij: welke trein gaat naar Barcelona of wat kost een biertje?... En wij willen nou juist zo veel van onze dieren te weten komen.

Het belangrijkste bij deze manier van communiceren is dat je luistert en dat je sensitief gaat ontvangen. Als je een hechte band hebt met je dier communiceer je ongetwijfeld al regelmatig met elkaar. Al heb je dit niet altijd in de gaten. Vaak zal je denken dat de gedachtes die je opvangt je eigen gedachtes zijn. Hoe vaak denk je niet opeens: volgens mij is de waterbak leeg en dat blijkt dan zo te zijn. Is dit je eigen gedachte of heeft je dier deze gedachte naar je toegezonden? Ongemerkt gebruiken wij onze intuïtie wel degelijk, alleen raakt dit vaak wat op de achtergrond. Hoe vaak denk je niet net aan iemand en een seconde later belt deze persoon op. Intuïtie is niet een gift die voor weinige mensen is weggelegd maar een "gave" die iedereen weer kan leren. Het is een spier die getraind moet worden. Met veel oefenen en de goede begeleiding kan iedereen leren om met dieren te communiceren. Alleen is het net als met bijvoorbeeld fietsen: iedereen kan leren fietsen maar niet iedereen wordt een Leontine van Moorsel. En dat kan dan verschillende oorzaken hebben. Misschien heb je wel geen goede fiets of geen goede trainer, niet voldoende talent of je oefent gewoon niet voldoende. Zo is het ook met het communiceren met dieren. Je zult een basistechniek moeten aanleren en heel veel oefenen. Kinderen hebben de gave om met dieren te communiceren van nature, maar hoe ouder zij worden hoe meer raakt deze intuïtie op de achtergrond. Vaak zie je dat op het moment dat kinderen leren schrijven hun intuïtieve momenten steeds minder worden. Je ziet deze vorm van communicatie ook tussen een baby en de moeder. Er wordt geen woord gesproken en toch is de communicatie tussen moeder en kind heel duidelijk. Een ander voorbeeld van telepathie zijn tweelingen. Soms kan een helft van een (eeneiige) tweeling sterke emoties van de ander voelen. Dat klinkt allemaal makkelijker dan het is. Maar, wij denken met een snelheid van achthonderd tot veertienhonderd woorden per minuut. Dat is dus behoorlijk druk. Kan je nagaan hoeveel moeite je dier moet doen om hier tussen te komen - het krijgt gewoon regelmatig een "bezet" toon. Telepathisch communiceren betekent dus het mentaal zenden en ontvangen van gedachtes, beelden, gevoelens, geuren, emotie en zelfs woorden. De een is meer visueel ingesteld en staat meer open voor het ontvangen van beelden. Dit zal je vaak zien bij kunstenaars of zeer creatieve personen. Sommigen mensen zullen erg goed zijn in het ontvangen van fysieke gegevens, zoals: hoe voelt het dier zich en heeft het misschien pijn. Na oefening zal je beter in staat zijn om de informatie steeds duidelijker binnen te krijgen. Dan weet je niet alleen maar of een dier pijn heeft maar ook waar en hoe heftig en waar komt de pijn vandaan. Telepathisch communiceren is niet aan afstand gebonden. De meeste dierentolken werken dan ook met foto's in plaats van "echte" dieren. Zelf doe ik dit ook omdat ik dan in alle rust thuis kan werken en niet afgeleid ben. Ook het dier voelt zich veel meer ontspannen als het in zijn eigen omgeving blijft. In mijn praktijk kom ik eigenlijk hele uiteenlopende dingen tegen. Soms kunnen dit ook kleine problemen zijn, die snel zijn opgelost. Soms zijn het ook in onze ogen onbelangrijke probleempjes van dieren. Ik werd een keer door een klant gebeld, die aangaf dat hun hond sinds 2 dagen blaffend aan de achterdeur stond. Tijdens het consult gaf de hond aan dat zijn bal in de tuin van de buren lag en hij toch wel erg gesteld was op deze bal. Nadat navraag werd gedaan bij de buren en de bal werd terugbezorgd was het weer stil in huis.

Wanneer kan je gebruik maken van een dierentolk:

* bij gedragsproblemen van dieren

* om te weten te komen of een dier pijn lijdt

* om meer te weten te komen over de "achtergrond" van een dier

* bij het opsporen van ziektes of pijn

* om te ontdekken hoe een dier zich voelt

* bij onverklaarbare angsten van een dier

* een nieuwe huisgenoot

* verhuizingen

* ouderdomsklachten

* verlatingsangst

* stress

* stervensbegeleiding

* energie- en pijnbehandelingen

* consulten met overleden dieren

Het doel van mijn werk is een beter inzicht te geven in de gevoelswereld van een dier en hierdoor eventuele problemen op te lossen. Naast de lezingen over communiceren met dieren geef ik ook lezingen over stervensbegeleiding bij dieren en introductiecursussen voor iederen die de basisiprincipes van het telepathisch communiceren graag wil leren. Dit jaar zijn een aantal introductiecursussen en vervolgcursussen gepland.

------------------------------------------------

 

 

Uitgave maart 2008

Kauwen op je hoofd

 

Omdat mij altijd weer mensen weten te vinden als het om gewonde, zielige of depressieve vogels gaat ben ik al een aantal keren in de gelukkige positie geweest dat ik kauwen een poosje als huisgenoot mocht verwelkomen.

Onze eerste kauw hebben wij gekregen via een opvangcentrum. Deze kauw was van iemand die de vogel uit een nest had gehaald (er zijn helaas nog steeds mensen die dit doen) en aan een ketting vastgezet heeft. Wij hadden alle moeite om de ijzeren ring van zijn pootje te krijgen omdat die al helemaal was ontstoken. Deze vogel bleef de hele tijd dat hij bij ons was bang voor mannen en weigerde ondanks liefdevolle pogingen van mijn man ook maar in de buurt bij hem te komen. Wat was ik blij dat deze kleine schat nu eindelijk mocht leren hoe je kon vliegen en uiteindelijk zelf weer mensen te vertrouwen. Ik moet zeggen het is een echt cadeau om een kauw om je heen te hebben. Een jaar later werden wij door een kennis gebeld die zijn open haard wilde aansteken en als verrassing een nest aantrof met daarin een kauwtje. Deze kauw was behalve dat hij onder het roet zat niet verder gewond. Aangezien de ouders in geen velden of wegen waren te bekennen werd de jonge vogel naar ons toe gebracht. De eerste dagen is het altijd een beetje moeilijk een vogel te overtuigen dat een worm een delicatesse is en dat ik weliswaar nooit zijn moeder kan vervangen maar mijn uiterste best zal doen om hem zelfstandig te leren eten en uiteindelijk ook te leren vliegen. Dat laatste is vrij eenvoudig. Puur een kwestie van voordoen. Is je dat te omslachtig of ben je bang dat je buren misschien denken dat je nu helemaal gek bent geworden, helpt het ook de kauw op je vinger te zetten en voorzichtig met je hand te zwaaien. Kauwen zijn hoogintelligente dieren die je op grote afstand herkennen en een diepe band met hun verzorger op kunnen bouwen. Ik moet zeggen dat ik iedere keer behoorlijk verliefd was op mijn "Schützlingen" en versteld stond van hun scherpte, speelgeest en improvisatievermogen.Toen deze kauw na een paar dagen zelfstandig kon eten en steeds brutaler werd kwam er een tweede kauw bij die er minder rooskleurig aan toe was. Hij was tijdens de renovatie van een dak gevonden en zijn ouders hadden hem schijnbaar al opgegeven. Hij was veel kleiner dan de andere, behoorlijk verzwakt en zijn veren zagen er zwaar gehavend uit. De introductie van deze kauw duurde precies een half uur. Daarna waren ze de dikste maatjes en onafscheidelijk. Onze oude rot nam hem letterlijk onder zijn vleugels en heeft hem direct leren eten en al vrij snel begonnen ze het eerste bad samen te nemen en de eerste vlieglessen volgden. 's-Nachts moest ik ze wel even voor onze roofvogels, die een vast onderkomen in onze tuin hebben, beschermen. Maar voor de rest konden ze heerlijk los in de tuin rondvliegen. Iedere keer als ik maar een voet in de tuin zette kwamen ze aanvliegen en gingen met een rotvaart op mijn hoofd zitten. Ten minste, dat was de bedoeling. In het begin was de landing nogal moeilijk en had ik steevast krassen in mij gezicht omdat ze mijn hoofd of mij schouder misten. Later konden ze de landingsbaan haarfijn vinden en kwamen direct als ik hun namen riep.

Zelfs met korte wandelingen met de honden in de buurt kwamen ze mee. Het liefst zaten ze dan op de hoofden van de honden, hoefden ze tenslotte niet te vliegen. Je kunt je voorstellen dat ik de hele zomer het liefst buiten in de tuin rondliep om zoveel mogelijk tijd met de twee doerakken door te brengen. Ons bezoek moesten wij wel steevast waarschuwen, want niet iedereen was ervan gecharmeerd om luidruchtig door twee kauwen begroet te worden, wat ikzelf eigenlijk altijd juist bijzonder gastvrij en attent vond.Aan het eind van het seizoen zijn onze kauwen iedere keer vertrokken. Het is heel vervelend als je dan op een ochtend naar buiten komt en je kauwtjes roept en er landt dan voor het eerst geen zwart gevaarte op je hoofd. Aan de ene kant ben ik dan heel blij dat ze op een gegeven moment helemaal hun eigen weg hebben gevonden en op eigen benen kunnen staan maar ik miste ze wel iedere keer verschrikkelijk. Ik betrap mij er nog steeds op dat ik in het voorjaar even heel zachtjes hun namen roep in de hoop dat ze misschien nog en keer terug zullen komen.

----------------------------------------------------

 

 

Uitgave mei 2008

Eenden in huis

 

Toen wij jaren geleden in dit huis kwamen wonen werden wij verwelkomd door een stel wilde eenden die brutaal als een stel hangjongeren bij de voordeur bivakkeerden. Het waren wilde eenden en zij moesten in eerste instantie dan ook niets van ons hebben. Nieuwsgierig waren zij wel. Omdat wij het wel gezellig vonden, probeerden wij er maar gewoon bij te gaan zitten en ze met een beetje voer te lokken. Dit werd schijnbaar doorverteld, en voordat wij het wisten bestond de groep uit bijna twintig eenden, die besloten hadden, dat het bij ons toch best heel gezellig was. In de loop van de jaren kregen ze hun jongen ook in onze tuin en werd het steeds drukker en gezelliger. Helaas voor de eenden hadden een stel roofvogels ook besloten dat de bomen in de achtertuin in combinatie met de grote vijver best interessant waren voor het grootbrengen van hun jongen. Deze combinatie resulteerde regelmatig in slachtoffers onder de eenden. Aanvankelijk probeerde ik de jonge eendjes nog te beschermen door luid krijsend door te tuin te lopen als ik onze roofvogels weer te dicht bij zag komen. Uiteindelijk moest ik inzien dat dit onbegonnen werk was en iedereen recht had om te overleven. In het begin hebben wij een keer een nest jonge eendjes gehad zonder moeder. Soms lukte het ons dan om de kleintjes door een andere moeder te laten adopteren, maar in dit geval was dit helaas geen optie. Wij hebben de kleintjes dus mee naar binnen genomen en in de woonkamer grootgebracht. Toen zij groot genoeg waren om naar buiten te laten, hebben wij ze in de vijver gezet. De schrik was groot toen ze een voor een naar de bodem van de vijver zakten. We wisten niet hoe snel wij onze kroost uit het water moesten redden. Weliswaar beschikken kleine eendjes al bij het uitkomen over een functionerende stuitklier en is het invetten aangeboren, maar schijnbaar moet de moeder in het begin nog helpen met het invetten van de veren. Dat was dus iets wat wij niet voor ze konden doen. Dat werd dus verder badderen in een ondiepe badkuip.Waar ik nog steeds moeite mee heb zijn de paringscènes in het voorjaar. Soms duiken wel drie mannetjes op een vrouwtje en proberen zogenaamd een relatie aan te gaan met de dame in kwestie. Dat het arme beest tijdens deze actie bijna verdrinkt, schijnt de heren niet verder te interesseren. Regelmatig probeerde ik dan ook de mannetjes met voer af te leiden, maar dit was natuurlijk onbegonnen werk. "Onze" eenden werden zelf zo tam dat ze geregeld naar binnen liepen om te kijken of er in de keuken nog iets te halen viel. Een keer is een eend zelfs over de neus van onze hond gelopen omdat hij schijnbaar geen zin had om de hond heen te lopen. Onze hond, die inmiddels al aardig gewend was geraakt aan het brutale gedrag, kneep alleen haar ogen dicht en wachtte tot de eend gepasseerd was. Op een mooie voorjaarsdag was ik in de tuin aan het werk en het viel mij op dat een van de eenden zich wel heel vreemd gedroeg. Zij was in paniek en liep wild fladderend voor mij uit. Zij had duidelijk een probleem. Ik besloot dus om haar te gaan volgen en opgelucht liep zij zo snel ze kon naar de voortuin. Toen bleef zij staan en begon op een vreemde manier geluiden te produceren, die ik voor die tijd nog nooit had waargenomen. Ik had sterk het gevoel dat hier ergens haar probleem moest liggen. Ik realiseerde mij ook dat zij normaal gesproken op haar nest zou moeten zitten en dat ze misschien al met haar jongen op stap was geweest. Ik keek dus om haar heen en het enige wat ik kon bedenken was het gat, waar zij voorzat, waar de tuinsproeiers ingebouwd waren. Het gat was niet goed afgedekt en ik besloot een poging te wagen om met mijn handen in het gat te voelen. Ik moet eerlijk toegeven dat het mij een beetje moeite kostte omdat ik wist dat dit de schuilplaats was van kikkers, padden en salamanders. Dat vond ik wel prima, maar ik had er ook al een keer een gigantische spin uit zien komen. Het gat was vrij diep en liep ca. 50 cm onder de stenen door. Toen ik voorzichtig mijn hand erin stak werd de eend opeens rustig en ik begreep dat ik op het goede spoor zat. En ja hoor. Wat haalde ik uit het diepe gat? Eerst een eendje, toen het volgende en voordat ik het wist zaten er 11 kleine eendjes aan de rand. Voor de zekerheid haalde ik nog een lamp erbij, omdat ik natuurlijk geen diertje wilde missen. Ik heb de moedereend nog nooit zo uitgelaten gezien. Ze dook direct met haar kroost de vijver in en begon van alle spanningen wild in het water te spelen. Ik veegde de spinraggen en de modder van mijn handen en heb de hele middag met een brede glimlach in de tuin rondgelopen. En wat was ik trots op onze moedereend, die alle registers van het communiceren open had getrokken.

-----------------------------------------------------

 

 

Uitgave september 2008

Dierentolk in spé

 

Vaak wordt mij door klanten gevraagd hoe ik toch in vredesnaam met hun dier kan communiceren en zoveel controleerbare gebeurtenissen van hun dier te weten kan komen. Mensen zijn soms helemaal verbijsterd dat tijdens een consult specifieke informatie, zoals de samenstelling van het gezin, gebeurtenissen uit het verleden, verhalen over de eigenaar of gezondheidsproblemen van het dier of van de eigenaar boven water kunnen komen. Ik leg dan iedere keer uit dat iedereen dit in principe kan leren. Telepathisch communiceren met dieren is als het leren van een vreemde taal. Als wij iemand ontmoeten die onze taal niet spreekt, gaan wij er ook niet vanuit dat deze persoon niet kan communiceren of niets te zeggen heeft. Hij of zij spreekt gewoon onze eigen taal niet. Wij zullen dus gewoon elkaars taal moeten leren. Als je een hechte band hebt met je dier communiceer je vaak al regelmatig met elkaar. Al heb je dit niet altijd in de gaten. Vaak zal je denken dat de gedachtes die je opvangt je eigen gedachtes zijn.Hoe vaak denk je niet opeens: volgens mij is de waterbak leeg en dat blijkt dan zo te zijn. Is dit je eigen gedachte of heeft je dier deze gedachte naar je toegezonden? Kinderen hebben de gave om met dieren te communiceren van nature, maar hoe ouder zij worden hoe meer raakt deze intuïtie op de achtergrond. Maar nog mooier is het natuurlijk als je zelf kan leren met je dier te communiceren. Steeds meer klanten van mij zijn zo onder de indruk van een consult dat zij op een gegeven moment besluiten zelf een cursus te gaan volgen. Ik kan dit alleen maar van harte aanmoedigen. Hoe meer mensen in staat zijn dieren te verstaan en hun wereld te verbeteren en hun een stem geven, hoe beter. Er gaat vaak een wereld voor iemand open. Wilde je altijd al graag weten wat er in een dier omgaat? Zou het niet fantastisch zijn als je zou weten waarom een dier op een bepaalde manier reageert of op bepaalde momenten bang is. Een cursus intuïtief communiceren met dieren kan je helpen je dier beter te begrijpen. Tijdens mijn 2-daagse cursus maak je kennis met het intuïtief communiceren met dieren en leer je de basisprincipes. Je oefent aan de hand van concrete voorbeelden en vragen. Je leert bewust te luisteren naar wat dieren te vertellen hebben. Wij gaan veel met foto's werken, maar doen ook oefeningen en meditaties en zullen verder verschillende technieken bespreken. De cursus vind plaats op een mooie locatie met een prachtige tuin.Ben je eenmaal in de ban van de "dierentaal" en kan je er geen genoeg van krijgen, is er de mogelijkheid voor een vervolgcursus. Tijdens deze cursus verdiep je je kennis over het intuïtief communiceren met dieren en bespreken wij diverse onderwerpen, zoals o.a. vermissingen, stervensbegeleiding en communicatie met overleden dieren. Tevens gaan wij aan de hand van een Bodyscan energieverstoringen opsporen bij dieren. Tijdens een van de laatste vervolgcursussen hebben wij gewerkt met de zieke schildpad van mijn broer. Ik had tegen hem gezegd dat wij binnenkort met zijn schildpad gingen werken. De cursisten stemden zich af op het dier en konden bijna allemaal aangeven wat de klachten waren en waar de pijn zat. Ik was al de hele cursus heel blij met de cursisten, want ze hadden al andere klachten van dieren precies goed aangegeven. Nadat zij erachter waren wat er aan de hand was met de schildpad hebben de cursisten het dier een uitgebreide Healing gegeven.Na afloop werd ik gebeld door mijn broer: hij wilde vragen of wij misschien iets met zijn zieke schildpad hadden gedaan. Niet alleen begon hij opeens weer te eten, hij achtervolgde ook weer een vrouwtje en probeerde haar duidelijk te maken dat hij wel erg graag aan nakomelingen wilde werken. Ik was heel erg blij dat hij zo snel was opgeknapt en mailde dit later ook de cursisten.

Het is gewoon fantastisch welke resultaten je hiermee kan bereiken en hoe enthousiast iedereen alles oppakt. Ik was dan ook heel trots op de nieuwe "dierentolken" in spe.. Natuurlijk zal niet iedereen een begenadigde dierencommunicator worden, maar al begrijp je de basisprincipes en pik je regelmatig dingen van een dier op, is er weer een stapje gezet in het welzijn van onze dieren.

--------------------------------------------

 

 

Uitgave november 2008

Kattenvreugde

 

Jarenlang heb ik honden en katten samen in huis als huisgenoten gehad en vond dit altijd de ideale combinatie.Onze Sint Bernhard Phara was een echte kattenliefhebster en probeerde van alles om het onze katten naar de zin te maken. Zij sliep samen met hun in haar mand, terwijl zij er eigenlijk nauwelijks zelf in paste. Zij duldde ze in haar voerbak en sleepte zelfs tot vervelends toe al haar botten en speelgoed achter de katten aan omdat zij ervan overtuigd was dat een kat toch best een groot bot kon acpriceren of tenminste geïnteresseerd moest zijn in haar afgelebberde vlostouw. Toen wij onze oud-duitse herdershond Gismo in huis kregen bleek zij ondervoedt te zijn en wilde zij absoluut niet eten. Van alles boden wij haar aan, van kipfilet over lever, rijst en Brinta. Mevrouw ging nog liever dood dan dat ze ook maar overwoog om te eten. Na talloze dierenartsbezoeken en een hele periode waarin ze alleen nog maar Kroepoek van de chinees wilde eten, waren wij behoorlijk radeloos. Op een gegeven moment zagen wij hoe ze heel gefascineerd onze kater Gorbatschow gadesloeg bij het eten van zijn kattenvoer. Toen is ze maar gewoon aan kan schuiven en sindsdien nuttigden die twee samen hun maaltijd. In ieder geval kreeg ze op deze manier voeding binnen. Later ontwikkelde ze zich gelukkig tot een goede eter en schakelde zij net als andere honden gewoon over op hondenvoer. Ik weet zeker dat onze kater haar over haar eerste moeilijke periode heen heeft geholpen.In de loop van de jaren zijn onze katten overleden en had ik zoveel verdriet hiervan dat ik besloot voorlopig geen nieuwe kat in huis te halen. Ik vond het afschuwelijk als mijn katers hele dagen op stap waren en dan vaak zwaar gewond of zelfs een keer met vergiftigingsverschijnselen weer thuis kwamen. Kortom - ik had besloten dat ik al dat verdriet niet meer wilde en honden kon je nou eenmaal beter in de gaten houden. Een binnenkat vond ik voor ons geen optie aangezien bij ons altijd alle deuren openstaan en ik het fijner vind als een kat ook buiten kan leven.In al die jaren vond ik het vreselijk dat ik de katten in mijn leven moest missen en heb ik zelfs een keer van ellende een kat uit de buurt stiekem geadopteerd. Na een tijdje werd ik vriendelijk door de eigenaar verzocht zijn kat niet meer te voeren en niet meer binnen te halen. Daarom heb ik uiteindelijk de knoop doorgehakt.Het kon niet anders. Er zou en moest weer een kat in huis komen. Dan maar met alle zorgen die erbij horen en de angst dat er buiten iets met de kat zou kunnen gebeuren. Natuurlijk moesten mijn honden waar ik nu mee leefde akkoord gaan. Na een uitgebreid overleg (ik ben tenslotte niet voor niets dierentolk) met alle twee was vrij snel duidelijk dat Wolf, onze puberende oud-duitse herderreu, die alles en iedereen wel leuk vond, hier geen enkel bezwaar tegen had.Bij Kimba waren wel lichte twijfels aanwezig en zij wist niet zeker of zij het als Alfahondje wel toe kon staan dat er een indringling in huis kwam. Zij wilde het wel proberen.Na lang zoeken kwam ik eindelijk bij een adres terecht met 13 katten, 6 honden en 5 kinderen. Een betere socialisatie kon ik mij niet wensen. Eigenlijk kwamen wij kijken voor een muisgrijze kat waarvan ik de foto al had gezien. Maar toen wij binnenkwamen viel mijn oog direct op een heel andere kat, die niet alleen door haar charmes opviel. Ze zag er heel raar uit en in eerste instantie kon ik niet zo goed plaatsen wat haar zo anders maakte. Toen ik goed naar haar keek bleek zij 2 verschillend gekleurde ogen te hebben. Een geel oog en een blauw oog. Dat had ik nooit eerder bij een kat gezien. Verder was ze helemaal wit en had ze een grijs punkkapsel en een grijze tekening op haar staart. Het enige waaraan je kon zien wie nou eigenlijk haar moeder was. Als ik niet zou weten dat de moeder nooit buitenkwam had ik kunnen zweren dat ze behoorlijk vreemd was gegaan. Kenmerken van de vader kon ik in ieder geval niet ontdekken. Gelukkig was er nog geen eigenaar voor haar. Een nieuw katje voor ons dus en de naam Bicolor was geboren.Met 16 weken kregen wij haar in huis. Ik hoopte dat ze op deze leeftijd groot en sterk genoeg was om onze twee doerakken het hoofd te kunnen bieden. Voor haar leeftijd was ze echter heel erg klein en Kimba verwisselde haar denk ik in het begin met een uit de kluiten gewassen muis.De eerste kennismaking met Kimba was dan ook geen succes. In plaats van een begroeting leek het meer op een onthoofding. Gelukkig wist Biolor zich goed staande te houden en week zij geen centimeter voor haar. Wolf vond de nieuwe huisgenoot zoals verwacht erg grappig en als hij haar niet gewoon negeerde gaf hij haar voorzichtige likjes over haar hoofd. Zelfs was ik natuurlijk binnen de kortste keren helemaal verliefd op onze nieuwe inwoner. Zelfs mijn man ( zogenaamd geen echt kattenmens) betrapte ik op enige genegenheid en trof Bicolor regelmatig spinnend op zijn schoot aan.Ik was ervan overtuigd dat Kimba in de loop van de tijd wel bij zou draaien, al stond ik bij tijd en wijle natuurlijk wel doodsangsten uit. Dit liet ik uiteraard niet aan Kimba merken en deed alsof het de normaalste zaak van de wereld was dat Bicolor de nieuwe muizenvanger moest worden. Tijdens een volgend "serieus gesprek" met Kimba kwam ik erachter dat ik haar toch beter had voor moeten bereiden op haar nieuwe metgezel. Zij vond het uiterlijk van Bicolor heel vreemd en had geen witte kat verwacht. In mijn eerdere "gesprekken" met haar liet ik haar iedere keer een muisgrijze kat zien. In het vervolg dus beter communiceren- weer wat geleerd. Achteraf verbaasde mij dit eigenlijk niet. Zij is ook niet bepaald gecharmeerd van witte honden.

Inmiddels zijn wij weken verder en onze geduld wordt langzaam beloond. Kimba heeft inmiddels neuscontact met Bicolor zonder haar als maaltijd te beschouwen en loopt vrij ontspannen rond in haar aanwezigheid. Echte vrienden zullen ze misschien niet worden maar er is ruimte genoeg zodat iedereen zijn eigen gang kan gaan. Ik merk wel dat ik nog heel veel moeite heb haar buiten te laten lopen. Met hele kleine stapjes gaan wij iedere keer weer een stukje van de tuin verkennen. Bicolor vind het geweldig. Ik moet toegeven dat ik zelf nog niet zo ver ben om haar al de volle vrijheid te geven omdat er roofvogels in onze tuin leven en zij nog steeds niet veel groter is dan een klein konijn. Ik roep haar dus naar 5 minuten ( oké 2 minuten) naar binnen omdat ik bang ben dat er iets gebeurd. Als ze groter is zal ze wel de hele beurt kan terroriseren maar voordat het zover is blijf ik nog steevast bij haar in de buurt.

-----------------------------------------------

 

 

Uitgave januari 2009

Dieren in de wintertuin

 

Het is weer winter. Dat betekent niet alleen dat de bladeren weer van de bomen vallen maar vooral dat het weer echt gezellig wordt in de tuin.Wij hebben een hele grote walnotenboom direct bij het terras. Omdat de woonkamerramen tot aan de grond rijken kan ik vanuit een zittende positie de hele dag de eekhorens zien langslopen. Ieder jaar verheug ik mij er weer op en betrap ik mij erop dat ik dit tafereel stukken interessanter vind dan de televisie.

Mijn honden en kat delen deze vreugde, want ook zij zitten vol fascinatie uren achter het raam om te kijken wat de rode rakkers aan het uitvreten zijn. Soms zie je wel 5 tegelijk oversteken en dan is het echt spitsuur. Heel leuk is het ook als ze achter elkaar aanzitten en in recordtempo via een aantal bomen over de schutting "vliegen", altijd via een vaste route. Als wij bezoek hebben hoor je regelmatig een kleine vreugdegil van mensen die het niet gewend zijn om vanuit het woonkamerraam deze drukke bedoeling te aanschouwen.Tijdens een van mijn laatste cursussen merkte ik dat een aantal cursisten probeerden een leuk "gesprekje" aan te knopen met een eekhoorn. Dat viel niet helemaal mee omdat het diertje toch wel erg veel haast had om met zijn walnoot te vertrekken.Gisteren zag ik ook weer voor het eerst een grote egel in de tuin lopen. Als ik s'nachts de laatste keer de honden uitlaat en dan nog even door de tuin loop kom ik hem geregeld tegen. Nou hebben wij ook wel erg ons best gedaan om het hem naar de zin te maken. Meer dan 100 meter hebben wij de rand van onze tuin volgestapeld met takken zodat een egel zich vooral prettig in de tuin gaat voelen. Zij bedanken ons hiervoor door de slakken weg te vreten, wat dan weer geweldig is voor mijn Hostaverzameling.

Maar hiervoor moet ik natuurlijk ook de vogels bedanken, want ook zij nuttigen een behoorlijke hoeveelheid slakken. Ik weet wel dat ik als dierentolk geen verschil mag maken en ook slakken een bijzonder plekje zou moeten gunnen in mijn tuin, maarja de natuur regelt het in dit geval zelf wel. Gismo, een van mijn herdershonden kwam een keer apetrots aanlopen met een kleine egel in haar bek. Heeeeeeeeeel voorzichtig had ze hem opgepakt en naar mij toegebracht. Ik was er op dat moment minder blij mee omdat ik niet wist waar het nest zat waar ze het dier "gevonden" had. Ik hield haar een poosje in de gaten en al gauw liep ze naar dezelfde plek toe om een volgend "slachtoffer" te brengen. Toen heb ik haar even uitgelegd dat dit niet helemaal de bedoeling was en ook haar eerste "cadeau" weer teruggezet bij zijn familie. De vogels in de herfst zorgen trouwens ook voor een bijzonder leuke aanblik. Ik sleep hele tafels vol met lekkernijen sleep aan rond deze tijd en kan niet wachten tot ze weer met z'n allen op het feestmenu afkomen.

Kortom, de herfst is voor iedere dierenliefhebber een hele leuke tijd. Waar ik momenteel minder blij mee ben is een nieuwe bewoner in onze tuin. Een molletje. Nouja, aan de ravage te oordelen eerder een reuzenmol. De borders, het complete grasveld en inmiddels ook de rest van de tuin moeten er echt aan geloven en ik denk dat ik maar eens een goed "gesprek"met deze nieuweling ga voeren. Dan moet hij natuurlijk eerst even boven komen en hij zal niet echt zitten te wachten op een preek van weer een geïrriteerde tuinbezitter. Nou, dat wordt dus alles uit de kast halen. Een echte taak voor een dierentolk.

---------------------------------------

 

 

Uitgave maart 2009

Oeps, een wildzwijn

 

Een aantal weken geleden liepen wij, zoals iedere zondagochtend met onze honden in het bos. Al bijna 10 jaar trekken wij met dezelfde groep met honden en de bijbehorende bazen op. Zoals wel vaker gebeurd waren onze twee doerakken even uit het zicht en hier maakte ik mij ook verder geen zorgen over. Maar opeens hoorden wij een raar geluid uit de struiken dat duidelijk een soort gil van en zwijn moest zijn. Het was maar heel even maar ik kreeg het toch een beetje benauwd. Wij hadden al diverse verhalen gehoord van mensen die in hetzelfde bos aan het wandelen waren en hun hond zwaargewond gevonden hadden. Voor de zekerheid riepen wij dus maar even onze honden terug. Kimba reageerde direct en kwam aanrennen met een wat wazige blik in haar ogen. Wolf kwam kort erna en het enige wat ons aan hem opviel was dat hij een vreselijke stank met zich meedroeg. Wij moesten er eigenlijk een beetje om lachen en hij liep gewoon vrolijk verder alsof er niets gebeurd was. Wij gingen er dus gewoon vanuit dat het varken van hun geschrokken was en dat dat het eind van het verhaal was. Zoals altijd gingen wij na de wandeling met de hele groep koffiedrinken en namen onze honden gewoon mee naar binnen. Vrij snel werden wij een beetje boos aangekeken van mensen die dachten in alle rust , maar vooral "geurvrij" een kopje koffie te kunnen nuttigen. Dat bleek niet helemaal mogelijk. Wolf stonk zo verschrikkelijk dat zij het allemaal een beetje benauwd kregen. Wij hebben hem, samen met Kimba, toen maar in de auto laten wachten omdat wij het niemand verder aan konden doen nog in dezelfde ruimte te verblijven. Ik dacht dat hij gewoon was gaan rollen in het bos en dat hij dit fijne aroma op deze manier had opgelopenThuis heb ik hem eerst helemaal met shampoo gewassen en de ergste vlagen van zijn nieuwe parfum waren verdwenen. In de avond ving ik opeens telepathisch beelden van hem op, die ik niet kon plaatsen en ik werd er erg onrustig van. Ik besloot Wolf eens helemaal te onderzoeken. Hij heeft een enorme vacht en zelf met het wassen en afdrogen heb ik niet gezien wat ik nu wel ontdekte. - Een gapende wond aan zijn onderbuik over de hele lengte. En Wolf, die normaal al bij het idee dat iets pijn zou kunnen doen, gaat gillen, liet niets merken. Ik schrok ontzettend en pakte mijn "puppie van 36 kilo" in de auto en wist niet hoe snel ik bij de dierenarts moest komen. Hij vertelde dat hij heel erg veel geluk heeft gehad en dat de wond weliswaar heel groot maar wel oppervlakkig was en hij met een sterke antibioticakuur over een week weer redelijk hersteld zou zijn. Dit had natuurlijk ook heel anders kunnen uitpakken en ik was blij dat het met een sisser was afgelopen. De volgende weken bleef Wolf opvallend braaf op het pad lopen en waagde het niet de bossen in te gaan. Kimba keek iedere keer wat zorgelijk naar hem en bleef ook in de buurt van onze groep lopen. Ik denk dat die twee toch behoorlijk geschrokken zijn, tenminste dat hoop ik, want ik moet er niet aan denken dat mijn honden weer een ontmoeting met een wild zwijn gaan hebben.

----------------------------------------------

 

 

Uitgave mei 2009

En toen was er …………. de tumor

 

In april 2008 ging ik naar de huisarts omdat mijn omgeving vond dat ik een beetje doof begon te worden. Inderdaad: de televisie stond wel heel hard.Tijdens de hoortest bij de huisarts was niet helemaal duidelijk of ik nu een beetje doof was of gewoon afgeleid door alle andere geluiden die ik tijdens de test meende te horen. Voor nader onderzoek werd ik dus doorverwezen naar de KNO arts. Ik zag mij al met een blauw gekleurd hoorapparaat door het leven gaan en stelde mezelf ermee gerust dat de apparaten de laatste jaren best hip eruit zagen. De test was positief. Ik kon dus 100% horen, maar de KNO-arts vertrouwde de zaak niet en omdat er in mijn familie heel veel kanker voorkomt wilde hij voor de zekerheid ( ik moest mij dan ook vooral geen zorgen maken) een MRI van de hersenen en een CT scan van de longen laten uitvoeren.Wat mij vooral ongerust maakte op dat moment was dat ik met mijn claustrofobie het Scanapparaat in moest. Hier zag ik vreselijk tegenop. Nadat de uitslagen van de beelden van de MRI en de andere onderzoeken binnen waren, werd ik tijdens een van mijn cursussen gebeld met de mededeling dat er iets gevonden was bij de Hypofyse op de MRI wat op een tumor zou kunnen duiden, of ik even langs wilde komen. Even schrok ik omdat ik al heel regelmatig had gedroomd dat ik een tumor in mijn hoofd zou hebben, maar dat was maar een korte gedachte. De hypofyse, oftewel hersenaanhangsel, is een klier midden in het hoofd, onder de hersenen. De hypofyse vervult een belangrijke rol bij de regulering van een groot aantal hormonen. De klier is ongeveer zo groot als een doperwt en is gelegen in een holte in de schedelbasis achter de neusrug. De Hypofyse is èèn van de belangrijkste klieren van het menselijk lichaam. Door afgifte van verschillende hormonen regelt de hypofyse de functie van een groot aantal andere hormoonproducerende klieren, zoals de schildklier, de bijnier en de geslachtsorganen. Daarnaast speelt de hypofyse een belangrijke rol in de waterhuishouding.Twee dagen later zat ik bij de internist in het ziekenhuis en die vertelde dat het weefsel inderdaad een hypofyseadenoom was. Ik draaide mij even om om te kijken of de arts het niet tegen iemand anders had. Zoiets overkomt tenslotte altijd iemand anders. De arts vond het wel opvallend dat ik helemaal geen klachten had, terwijl de tumor al behoorlijk groot was.Mijn hoofdpijnen waren juist de laatste jaren goed onder controle nadat ik mijn hele kindertijd onder migraine leed en al als klein kind pijnstillers meenam naar school. Ook mijn hormoonwaardes, die dan vaak ontregeld zijn, waren prima en ik had een topconditie. Ik begreep er helemaal niets van. Ik heb mij nog nooit zo goed gevoeld en dan deze afschuwelijke toevalstreffer. Vanaf dat moment kwam ik in de medische molen terecht wat inhield dat mijn agenda door het ziekenhuis werd bepaald. Ik kwam in een ander, meer gespecialiseerd ziekenhuis terecht en moest diverse onderzoeken, een nieuwe MRI, en oogonderzoeken ondergaan. Toen bleek dat de tumor al tegen mijn oogzenuw aanzat heb ik samen met de neurochirurg en de endocrinoloog besloten dat de tumor beter zo snel mogelijk verwijderd kon worden. De arts stelde voor over 2 dagen te opereren. Ik wilde nog eerst mijn cursussen afmaken en de week erop werd ik geopereerd.Helaas bleken er tijdens en na de operatie complicaties op te treden waardoor ik uiteindelijk 2 keer zo lang als gebruikelijk in het ziekenhuis heb gelegen en maar heel moeilijk ging herstellen.Al ruim voor de operatie had ik afgesproken dat wij een kitten zouden krijgen zodat ik gezelschap had bij het revalideren. Helaas was ik in het begin niet in staat om voor haar te zorgen daarom kwam onze kleine Bicolor pas een aantal weken later in huis. Zij deed haar naam als revalidatiekat alle eer aan. Zij heeft heel wat uren op mijn buik doorgebracht en accepteerde spinnend de ziekte. Toen ik uit het ziekenhuis kwam was Kimba, onze oud-duitse herderdame helemaal van slag, Zij vertoonde heel vreemd gedrag en bleef de hele dag rondjes om mij heen draaien. Ik had dit al verwacht omdat zij altijd mensen opzoekt die zich niet lekker voelen. Ik werd er heel verdrietig van omdat zij om de paar minuten naar mij toe liep en probeerde telepathisch contact met mij te krijgen, zoals wij altijd met elkaar communiceerden. Helaas was ik in het begin te zwak en te ziek om haar te horen. Ik had alle energie nodig om te herstellen. Zij was heel geduldig en bleef het proberen tot ik op een dag opeens beelden van haar opving en wij weer op onze eigen manier met elkaar konden communiceren. Wat een opluchting. Vanaf dat moment gedroeg zij zich weer "normaal" en werd steeds relaxter.

Wolf, onze grote puberreu, begroette mij zo uitbundig toen ik thuiskwam dat ik bijna van de bank afviel en hij week niet meer van mijn zijde. Hij was alleen maar blij dat zijn vrouwtje weer terug was. In welke staat kon hem niet schelen. Hij accepteerde de situatie zoals ze was. Kon ik dat maar op dat moment doen. Ik probeerde vaak erachter te komen hoe hij dat toch deed. Gewoon in het hier en nu leven en ervaren wat is. Ik leer nog steeds van hem. Ik was hel even bang geweest dat ik "mijn gave" om telepathisch met dieren te communiceren misschien kwijt was geraakt omdat de hypofyse nauw samenhangt met het derde oogchakra. De hypofyse is een contactpunt tussen geest en fysiek, tussen ons innerlijke zelf en ons lichamelijk bestaan. Er kwamen alle mogelijke vragen in mij op. Heb ik mijn intuïtie en mijn derde oog misschien teveel gebruikt, waardoor er een tumor kon ontstaan. Wat als mijn intuïtie nu niet meer "werkt' omdat juist de tumor mijn "gave" was. Ik wist het niet. Het enige wat ik kon doen was het uitproberen. Tenslotte lukte het contact met Kimba ook weer.Nadat ik mij weer beter voelde ben ik het telepathisch communiceren weer direct op gaan pakken en ik merkte geen enkel verschil. Gelukkig, het was er nog. Ik had zelfs het gevoel dat mijn Healings en Bodyscans juist heel intens waren. Ik ontwikkelde nieuwe methodes om de dieren beter te leren met hun pijnen om te gaan. Dat was tenslotte iets wat ik ook moest leren.

Ook de contacten met overleden dieren waren nog steeds fantastisch. Ik heb soms het idee dat ik zelfs dieper "kan kijken" en ik hun emoties en beelden nog sterker kan voelen en zien. Tijdens de hele periode en nu nog steeds, hebben mijn man, vrienden, familie en kennissen mij heel goed geholpen. Naast de reguliere weg heb ik ook een aantal alternatieve methodes uitgeprobeerd om weer op krachten te komen, zoals de Simontontherapie, Reconnection, de helende reis, mindfullness, natuurgeneeskundige therapien, etc., maar zonder mijn dieren was de revalidatie een heel stuk moeilijker geweest. Hun geduld en liefde, die ik heb mogen ontvangen was heel bijzonder. Een beetje zwarte "tumor-humor" helpt je soms ook een beetje door de moeilijke tijden heen en ik vindt het ook wel grappig om tegen iemand te zeggen die zich weer veel zorgen maakt: "geen paniek: het zit gewoon tussen de oren." Eindelijk een aandoening waarbij dit klopt. Sinds de operatie werkt mijn Hypofyse niet meer voldoende en moet ik een hoop medicijnen slikken voor mijn schildklier, mijn nieren en bijnieren. Dit geeft de nodige klachten en bijwerkingen en mijn leven is dan ook veranderd. Maar als ik tussentijds weer een dipje heb, zijn er twee herders die op mijn schoot gaan zitten en een klein katje op mijn hoofd en dan ziet de wereld er gelijk een stuk beter uit.

Ik ben er nog niet helemaal uit wat nu de boodschap van deze tumor is geweest en waarom deze dingen gebeuren. Ik weet in ieder geval dat ieder mens onrustige cellen in zijn lijf heeft alleen houden ze zich gelukkig bij de meeste mensen meestal gedeisd.

Een van mijn artsen zei tegen mij: "Ieder mens heeft een of andere ziekte in zijn lichaam, alleen is niet ieder mens voldoende onderzocht om dat aan te tonen." en een collega zei eens tegen mij: "Jij bent niet je tumor". Dat vond ik wel een mooie uitspraak.

-------------------------------------------------------

 

 

Uitgave juli 2009

Mijn vrouwtje is ziek

 

In mijn laatste artikel heb ik geschreven over mijn ziekte. Tijdens mijn "telepathische gesprekken" met mijn hond Kimba heb ik gemerkt dat zij haar eigen visie op de laatste maanden heeft, daarom wil ik haar aan het woord laten omdat het heel bijzonder is hoe dieren een dergelijk process ervaren.

Kimba: "De eerste keer dat ik doorhad dat er iets met mijn vrouwtje aan de hand was is al een hele tijd geleden. Ik ben hier heel gevoelig voor en weet precies als iemand zich niet lekker voelt. Soms is dat ook heel lastig. In haar hoofd klopte iets niet. Het voelde alsof er een stof inzat die er niet thuishoorde. Maarja, zij voelde zich schijnbaar prima. Ik was dus niet ongerust. Een hele periode later pas merkte ik dat er iets niet meer klopte thuis. Mijn vrouwtje was opeens regelmatig in tranen en moest alsmaar het huis uit en kwam dan heel gespannen weer terug. Ook het baasje had het opeens heel moeilijk en als ik hun begroette leek het bijna alsof ze mij niet zagen. Er hing een vreemde spanning in huis die ik nooit eerder had waargenomen. Toen gebeurde het verschrikkelijke: Mijn vrouwtje vertrok naar het ziekenhuis. Ik wist niet wanneer en of zij weer terug zou komen en ik had er een heel slecht gevoel bij. Het baasje ging voor ons zorgen. Ging allemaal prima hoor, maar ja hij is natuurlijk niet het vrouwtje, die de hele dag in de buurt is en leuke dingen met ons doet. Haar enthousiaste hupeltje als wij weer een speeltje hadden gevonden of de uitbundige beloning als wij heel snel naar haar toe kwamen lopen vond ik altijd erg leuk. En de lekkere dingen die dan weer overal vandaan kwamen, dat deed alleen maar het vrouwtje. Hij wandelde ook met ons maar hij was niet echt aanwezig. Hij deed vreselijk zijn best, maar alles was opeens verandert. Na een paar dagen wist ik dat het niet goed zat en ik was bang mijn vrouwtje voor altijd te verliezen. Ik probeerde telepatisch contact met haar op te nemen maar zij leek heel ver weg. Ik werd er heel onrustig en angstig van. Wolf maakte zich geen zorgen. Hij wist zeker dat ons vrouwtje weer snel thuis zou zijn. Wat een vertrouwen. Eindelijk was het zover. Zij was weer thuis. Maar was dit mijn vrouwtje wel. Zij zag er hetzelfde uit, zij rook hetzelfde, zij voelde hetzelfde, maar haar hoofd was niet hetzelfde. Wat hadden zij in vredes naam met haar gedaan. Zij bewoog ook niet hetzelfde. Eigenlijk bewoog zij helemaal niet. Het leek wel alsof al het leven uit haar lichaam was verdwenen. Zij kon mij ook helemaal niet horen. Ik voelde haar verdriet en haar pijn en kon haar niet helpen. Ik heb mij toen heel gek gedragen omdat ik niet meer wist wat ik moest doen. Zij leek zo ver weg.Ik bleef maar rondjes om haar draaien en ging constant weer bij haar staan om te kjiken of ze mij al weer kon verstaan. Misschien wilde ze wel wandelen of iets leuks met ons doen. Even de tuin is. Maar zij bleef maar liggen en bewoog bijna niet. Wat een ellende. Na een tijdje begon er weer een beetje leven in te komen. Ik weet nog dat ze mij aanhaalde en probeerde uit te leggen wat er aan de hand was. De helft kon ik maar verstaan maar er was weer contact. Zij leefde nog. Steeds vaker hadden wij weer telepathisch contact zoals ik het gewend was en langzaam begon ik te begrijpen dat er inderdaad iets mis was met haar hoofd. De hypofyse werkte schijnbaar niet meer. Hoe dan ook betekende dat voor ons een hele verandering. Alles ging in het begin heel langzaam en ik probeerde niet meer zo wild tegen haar op te springen wat ik altijd met overgave deed. Ik merkte dat zij niet op haar benen kon blijven staan en ben toen maar voorzichtig met haar omgegaan. Nu doe ik het gewoon weer, hoor.Zij lijkt nu wel weer de oude, haar enthousiasme is terug en wij doen weer even gek met elkaar, maar ik weet dat dat niet helemaal waar is. Zij probeert voor ons de pijn verborgen te houden, maar dat lukt haar niet. Daarom kom ik weleens bij haar zitten om haar te helpen met het verdriet. Wolf en ik hebben een nieuw vrouwtje gekregen. Een beetje beschadigt maar nog steeds ons vrouwtje en wij zijn nog even gek op haar.

------------------------------------------------------------

 

 

Uitgave september 2009

Reïncarnatie bij dieren- de onsterfelijkheid van onze huisdieren

Ook dieren hebben een ziel

 

"Zijn onze vierbenige vrienden onsterfelijk en zien wij ze weer terug?"Regelmatig wordt ik door klanten of mensen uit mijn omgeving gevraagd hoe ik denk over reïncarnatie bij dieren en wat mijn ervaringen hiermee zijn.Omdat ik al ruim 10 jaar consulten met dieren mag doen en mij, met name de laatste jaren, veel bezig heb gehouden met stervensbegeleiding bij dieren en contacten met overleden dieren, heb ik hierin inmiddels ruimschoots ervaring op kunnen doen. Dat dieren reïncarneren is voor mij helemaal zeker. Net zo goed als dat ik geloof dat ik als mens ga reïncarneren. Voor mij houdt het niet op na het overlijden of je nu mens bent of dier. Veel mensen denken dat je daardoor minder bang bent om te overlijden, maar ik weet niet of dat wel het geval is.Hebben dieren een ziel? In zijn boek "Auch Tiere haben Seelen" schrift Stefano Apuzzo dat Aristoteles ervan was overtuigd dat niet alleen dieren maar ook planten een ziel hebben. Het verbaasd mij persoonlijk nog steeds dat er mensen zijn die daadwerkelijk geloven dat mensen de enige species zijn die een ziel hebben en je ze dan ook niet meer terug zult zien na het overlijden.Wij hebben de dieren al genoeg leed aangedaan, denken wij nu ook nog dat de dieren geen plek in het paradijs verdienen. Gelukkig zijn er inmiddels steeds meer "nieuwetijdskinderen" en ik heb mijn hoop erop gevestigd dat zij ervoor zullen zorgen dat de dieren de plek veroveren die zij verdienen en in volgende generaties worden gezien als wat zij zijn, namelijk hele bijzondere zielen, die een speciale plek in ons hart en ons leven, maar vooral ook in het hiernamals verdienen. Als ik als dierentolk door mijn consulten, lezingen en cursussen hier ook maar een klein steentje aan bij kan dragen ben ik een gelukkig mens. Bij dieren is natuurlijk de vraag of een hond bv gaat reïncarneren als hond of dat het ook mogelijk is dat hij terugkomt als kat of muis of misschien zelfs als mens. Veel dierentolken gaan ervan uit dat dieren kunnen reïncarneren in ieder diersoort. Een aantal is ervan overtuigd dat zij ook als mens terug kunnen komen. Zelfs denk ik dat dat zeker zo is. Ik ben tijdens mijn consulten antwoorden van dieren tegengekomen die alleen maar van een dier afkomstig kunnen zijn dat in een vorig leven mens is geweest. Een hond had zelfs liedtexten en gedichten aan mij laten horen, waarvan ik nog nooit had gehoord. Dan zou je kunnen zeggen dat heeft hij van zijn eigenaar opgepikt, maar sommige dingen waren zo specifiek en de antwoorden hadden totaal niets met de eigenaar te maken. Sommige dieren zijn zo wijs en intelligent dat dit veel verder gaat. Waarom zouden dieren niet in een eerder leven een mens geweest zijn? Omdat wij denken dat wij hogere wezens zijn? Na honderden gesprekken met dieren weet ik wel zeker dat dieren ons zo veel te leren hebben - alleen moeten wij het wel willen zien. Zolang wij dieren nog behandelen als minderwaardig en ze uitbuiten, mishandelen en miskennen in hun soort, zal dit voor veel mensen altijd een raadsel blijven.Soms wordt ik ook gevraagd of een hond weer terug kan komen in hetzelfde gezin als nieuwe hond of kat.Ik leg dan uit dat dit mijns inziens wel mogelijk is maar dat niet zo vaak gebeurd. Vaak hebben de dieren toch nieuwe wegen te bewandelen, iets te leren of is er gewoon een heel ander levenspad voor hun uitgestippeld. Geniet dus vooral van de tijd die je met je dier hebt gekregen. Als een dier ervoor kiest en het zijn levensweg is om weer bij je terug te komen zal je dit zeker weten en herkennen. Je ziet dan soms dat mensen op een "rare" manier hun nieuwe huisgenoot uitzoeken. Als je bv je honden altijd bij een gerenommeerde fokker koopt. Nu opeens zie je een bord aan de weg staan bij een aftandse boerderij: "puppy's te koop" en je op de rem gaat staan. Je weet zeker dat je hier moet gaan stoppen, en je kijkt dan in de ogen van een van deze pups en je weet gewoon dat dit je vroegere hond is geweest. Het is dan gewoon een weten. Vaak zie je dan ook dat het zo vanzelfsprekend is dat ook de andere gezinsleden direct zien dat dit de ziel van hun overleden dier is. Iedereen weet het gewoon. Je ziet aan het gedrag van het dier, de oogopslag, de manieren, eigenlijk aan alles dat dit klopt. Ik ben er ook van overtuigd dat je na het overlijden je huisdier in het hiernamals terug zult zien en elkaar weer zult ontmoeten. Sommige mensen denken dat dieren en mensen zich in aparte demensies bevinden. Ik geloof naar aanleiding van mijn gesprekken met dieren dat je elkaar weer terug zult zien. Dat is voor mij dan ook een hele grote geruststelling. Het idee dat ik op een dag weer herenigd ben met mijn geliefde dieren geeft mij heel veel rust. Er zijn een aantal interessante boeken over dit onderwerp. Wat mij bijzonder aanspreekt is het boek Animals and the Afterlife van Kim Sheridan. Dit is een boek waarbij de schrijfster op zoek gaat naar antwoorden. Hierbij verteld zij over haar eigen ervaringen maar ook over de belevenissen van mensen over de hele wereld die zich met de vraag bezig houden wat er gebeurd met je dier nadat het is overleden. Zij verzamelde overweldigende feiten die je twijfels weg zullen nemen of er een "afterlife for animals" bestaat. Een echte aanrader.

"the greatness of a nation and its moral progress can be judged by the way its animals are treated. " Gandhi

-------------------------------------------------------

 

 

Uitgave november 2009

Gezinsuitbreiding

Het is eindelijk zover. Een week geleden heeft onze nieuwe huisgenoot zijn intrede gedaan. Nadat ik onze herders Kimba en Wolf, maar vooral onze kat Bicolor grondig had voorbereid op de nieuwe aanwist. Ik liet hen telepathisch beelden zien van de nieuwe kat en vroeg wat hun ervan vonden. Gelukkig was iedereen bereid een nieuw gezinslid op te nemen. Het was de bedoeling dat Bicolor een speelkameraad zou krijgen. Zij verveelde zich soms zichtbaar en het leek mij erg leuk voor haar om een beetje leven in de brouwerij te krijgen. Toen Bicolor bij ons kwam schrok in eerste instantie ook iedereen. Ze leek rechtstreeks uit hongerig afrika te komen. Met 16 weken was zij niet meer dan een handvol bibberende ellende. Inmiddels is zij uitgegroeid tot een bloedmoei stevige dame op stand.En hier was hij dan. Een muisgrijs katertje. Hij leek een beetje op een ratje met vier witte pootjes. De eerste dag heeft onze nieuwe kater doorgebracht onder de kast. Geen haar op zijn hoofd dat hem eronder uit zou krijgen. De tweede dag twijfelde ik ernstig aan mijn capaciteiten als dierentolk. Ons katje was verdwenen. Niet voor even, maar voor drie uur. Inmiddels begon ik lichtelijk geïrriteerd en overbezorgd te raken. Overal in huis hadden wij gezocht en wij wisten natuurlijk ook wel dat een klein katje in staat is zich bijna dubbel te vouwen. Mijn man werd door mij voor de honderdste keer met de lamp door het huis gejaagd en mijn humeur werd er niet beter op. Ik riep alsmaar ' wat moeten wij nu doen als wij hem echt niet kunnen vinden.' Mijn man benaderde de situatie wat relaxter en beweerde tot mijn grote ongenoegen dat als het katje honger had hij vanzelf weer op zou duiken. Nou hier kon ik dus niet op wachten,

Ik ging nog een keer rustig zitten en probeerde telepathisch contact met het katje te krijgen. Uit ervaring weet ik dat het contact met zo jonge dieren heel erg moeilijk is, zeker als ze ook nog van jezelf zijn. Ik moest het opgeven. Uiteindelijk werd ik zo gestrest over de situatie dat ik maar besloot het anders aan te pakken. Als ik geen contact met dit dier kon krijgen wilde ik toch gebruik maken van het makkelijke contact dat ik met mijn honden had. Ik haalde dus Kimba naar binnen. Ik legde haar de situatie uit en liet haar even aan het handdoek ruiken waar de kat op had gelegen. Kimba voelde feillos mijn stress aan en keek mij aan alsof zij wilde zeggen: `waar maak jij je druk om, die heb ik zo gevonden.` Het duurde nog geen 30 seconden en Kimba wees een plek in mijn kantoor aan waar mijn papieren lagen. Het was duidelijk dat ze hier niet zat, maar Kimba bleef aandringen. Ik besloot haar intuïtie te geloven en maakte een lade open net boven het stapeltje papier. Het leek mij onmogelijk dat de kat in de lade kon kruipen. Er lagen allemaal boeken en Cd's in en er paste geen rietje meer bij. Toch was ik van Kimbas reukvermogen overtuigd, en - ja hoor- . Daar was onze kleine donder. Plat als een dubbeltje lag hij prinsheerlijk tussen de boeken. Ik bedankte Kimba uitbundig en was erg trots op haar. Nog geen dag later was de kleine donder in de open haard verdwenen. Achter de openhaard moet ik zeggen. Ik kon er op geen enkele manier bijkomen. Ik zag ons al het halve huis afbreken toen ik mij realiseerde dat mijn man misschien wel gelijk had toen hij zei dat hij vanzelf een keer honger zal krijgen. Ik zette dus een schaal met kattenbrokken voor de open haard en onze kleine deugniet was er binnen no-time uit. Het was nu wel duidelijk hoe onze nieuwe huisgenot zou heten. Philou. Dat paste wel. Wij hebben Philou nu een week in huis en ik kan nu al niet meer zonder hem. Wat een cadeau. Bicolor is ook helemaal verliefd op hem en zij spelen fantastisch met elkaar. Kleine katten zijn zo ontwapenend. Zelfs met een klein stukje papier vermaken zij zich kostelijk. Het ene moment komt hij weer helemaal onder het stof onder een kast vandaan, het andere moment krijgt hij acuut een slaapaanval.

~ Leven in het hier en nu. ~

Het zijn altijd weer de dieren de mij hieraan herinneren.

--------------------------------------------------

 

 

Uitgave januari 2010

Spookkat Philou

Inmiddels hebben wij onze Philou alweer een paar maanden in huis. Hij is een waardige aanvulling voor onze "veestapel". Zijn taak om Bicolor, onze prinses met sterallures, gezelschap te houden, vervult hij met verve. Zij zijn duidelijk verliefd op elkaar. Ook de honden zijn helemaal verrukt van onze nieuwkomer. Zelfs Kimba, die in het begin toen wij Bicolor kregen, dacht dat katten eendagscrackers zijn, ziet de charme van de kleine kater wel zitten.

Een sportieve katWij hoopten ook wel dat Bicolor met haar nieuwe aanwinst veel zou spelen om haar overtollige grammetjes kwijt te raken. Niets erger dan een kat die gezondheidsproblemen kan krijgen door overgewicht. Dit wilden wij al in een vroeg stadium zien te voorkomen. Op zich is Bicolor sportief genoeg. Een van haar hobby's is namelijk zwemmen. Bijna ieder dag komt zij met modder tot aan de nek binnen en gaat dan prinsheerlijk op de bank liggen. Aan poetsen doet zij niet. Meestal is zij namelijk te lui om zichzelf schoon te maken en wacht zij gewoon af tot de modder er vanzelf afvalt. Gelukkig hebben wij geen witte meubelen. Ik heb haar al vaker uitgelegd dat zij zich dit als witte kat niet kan permitteren, maar zij vindt dat zij tenslotte niet voor haar eigen haarkleur heeft gekozen. Laatst was zij denk ik per ongeluk iets te diep in de vijver gedoken. Zij kwam helemaal beledigd en verontwaardigd binnen. Zelfs haar hoofd was heemaal nat. Ik denk dat zij nu helemaal koppie onder is geweest. Zij weigerde vervolgens afgedroogd te worden. Wat zij allemaal uitspookt in die vijver is mij een raadsel. En nu had zij dus een nieuwe sport erbij. Hardlopen met hindernissen. Zij rent nu de hele dag met Philou door het huis en dat gaat soms zo hard dat ik echt niet toevallig in de weg moet staan. Hun renbaan kent ook geen beperkingen en de trap wordt met zoveel snelheid genomen dat er weleens een van de twee uit de bocht vliegt. Het enige rustmoment is als Philou weer opeens een slaapaanval krijgt.Philou is nu inmiddels al 3 keer geblesseerd geweest waarvan wij de eerste keer nog panisch op een zaterdagmiddag bij de dierenarts zaten omdat het er heel ernstig uitzag. Hij kreeg pijnstillers, die hij niet wilde hebben, en 2 dagen later liep hij weer als een kievit. Omdat wij natuurlijk apentrots zijn op onze gezinsuitbreiding hadden wij na een tijdje kraambezoek gepland. Iedereen uit de familie en vriendenkring kon niet wachten om kennis te maken met dat vertederende jonge katertje. Ik maakte natuurlijk ook vors reclame voor hem. Hoe aanhankelijk hij niet was en hoe speels en hoe goed zijn relatie is met de andere dieren in huis. Maar ik kon toen nog niet weten dat Philou een spookkat is. De eerste bezoeker kwam met cadeau en snoepjes voor de "nieuwe" en wilde vol verwachting Philou in de armen sluiten. Philou zag echter de "indringer" en wist niet hoe snel hij zich uit de voeten moest maken. Ons bezoek kon nog niet eens een glimp opvangen van onze schoonheid. Dat was een beetje teleurstellend en wij hoopten dan ook dat als het bezoek maar lang genoeg zo blijven hij vanzelf nieuwsgierig zou worden en boven water zou komen. Philou zag dat anders. Hij kon het prima uren onder de kast volhouden.Bij de volgende poging kwam een stel op bezoek. In eerste instantie was hij zo verrast dat hij even bleef liggen, maar dat was maar heel kort. Hij koos deze keer gewoon voor een andere schuilplaats.Wij bleven het proberen en instrueerden de bezoekers hem gewoon te negeren in de hoop dat hij dan zelf zou komen. Een andere keer was de visite al in huis en hij rende vol overgave de woonkamer in om zoals gebruikelijk op mijn schoot te gaan zitten. Toen pas zag hij de visite. Hij remde zo hard dat hij met zijn hoofdje tegen een stoel knalde en ging beledigd met een beetje hoofdpijn in zijn schuilplek liggen.Ook al liet Bicolor hem duidelijk zien hoe leuk bezoek is - Philou trapte er niet in. Bicolor vindt niets gezelliger dan mensen over de vloer. Vooral tijdens mijn cursussen is zij het stralende middelpunt. Zij vindt het heerlijk om bewondert te worden en in het midden van het feestgeruis te liggen. Als ik Philou tijdens onze telepathische gesprekken vraag waarom hij geen contact wenst met andere mensen en hem uitleg dat Bicolor dat juist geweldig vindt, antwoord hij steevast. " Ik ben Bicolor niet en ik vindt andere mensen niet leuk. " Nou hier moeten wij het voorlopig maar mee doen. Tot de dag van vandaag zijn er maar weinig mensen die überhaupt de kans hebben gekregen om hem te zien. Philou is nog steeds een spookkat, die mensen van verhalen en foto's kennen maar helaas nog niet in het echt hebben mogen aanschouwen. Sommigen denken misschien zelfs dat hij niet bestaat. Deze charmante kleine doerak heeft er voorlopig voor gekozen zijn leven niet in de schijnwerpers te leven maar in de teruggetrokkenheid van zijn eigen klein gezinnetje. Dit zal ik natuurlijk accepteren, maar als dierentolk kan ik het natuurlijk niet laten dit onderwerp af en toe ter sprake te brengen.

--------------------------------------------------

 

Uitgave maart 2010

De wilde zwijnen zijn terug

 

De trouwe lezer kan zich misschien nog het verhaal van een paar maanden geleden herinneren, waarbij onze hond aangevallen werd door een wild zwijn tijdens een wandeling. Zijn buik was opengescheurd en er was een behoorlijke wond ontstaan. Een tijdje bleef hij toen braaf uit de buurt van de wilde zwijnen. Maar afgelopen week liepen wij weer in hetzelfde bos te wandelen. Opeens hadden onze herders een spoor te pakken en waren wat dieper in het bos verdwenen. Toen wij riepen kwamen zij allebei behoorlijk geschrokken terug, maar zij waren niet alleen. In hun kielzog kwamen een paar andere dieren mee, die op het eerste gezicht leken op gigantische honden. Het waren wilde zwijnen. Omdat ik de laatste aanvaring met deze dieren nog vers in het geheugen had probeerde ik zo snel mogelijk mijn honden te pakken, zodat zij veilig waren. Toen ik net bezig was hun op eventuele verwondingen te controleren kwamen twee zwijnen op ons af. Ik was heel verbijsterd omdat ik altijd dacht dat ze niet op mensen af zouden komen, maar dat was een hele foute inschatting. Voordat wij het wisten stonden wij oog in oog met gigantisch grote dieren, die het schijnbaar op ons gemunt hadden. Onze honden waren zelf nog niet van de schrik bekomen en stonden vastgenageld aan de grond. Ik had maar een paar seconden om erover na te denken wat sneller en slimmer was. Op de volgende boom klimmen? Dat zou betekenen dat ik mijn honden los moest laten. Of mezelf op de grond gooien en doen alsof ik dood was. Ik had niet het idee dat de wilde zwijnen dit echt geloofwaardig zouden vinden. Andere opties kon ik op dat moment niet zo snel bedenken. Op een goed gesprek met een dierentolk zaten zij duidelijk niet te wachten.

Een van de varkens kwam steeds dichterbij en toen wij hem recht in de ogen keken had mijn man een gouden ingeving. Ergens had hij een keer gelezen dat je veel kabaal moet maken en je heel groot moet maken en dat zij dan heel bang worden. Het wilde zwijn keek ons aan alsof wij gek waren geworden en moest er even over nadenken of wij wel eng genoeg waren om voor ons op de vlucht te slaan. Ik moet zeggen dat ik mijn man wel heel eng en indrukwekkend vond, hoe hij zo stond te schreeuwen en zwaaien. Het zag er werkelijk belachelijk uit. Het wilde zwijn koos eieren voor zijn geld en ging op de rem. Ik weet niet of dat kwam omdat het dier echt bang was geworden of omdat de situatie zo lachwekkend was. Misschien verbeelde ik het mij, maar was dat nou een klein glimlachje op het gezicht van het dier.Wij wisten niet hoe gauw wij weg moesten komen en ik denk dat ik mijn honden eens haarfijn uit ga leggen dat een wild zwijn geen speeltje is en dat je hem ook niet per se aan je baasje hoeft voor te stellen.

---------------------------------------

 

 

Uitgave mei 2010

Kattenbaan

 

"Mijn naam is Bicolor en ik ben heel belangrijk.Ik ben een kat met een baan. Ik weet ook wel dat ik geen directeur van een groot bedrijf zal worden maar het was al vroeg duidelijk dat ik voor iets groots ben voorbestemd.Ik ben als gewone kat geboren. Nou ja gewoon - ik heb twee verschillend gekleurde ogen en ben beeldschoon. Ik heb een prachtige witte glanzende vacht met een heus punkkapsel. Zo gewoon ben ik dus niet. Maar verder ben ik van eenvoudige afkomst. Tenminste - mijn vader is dan wel een gewone huis-tuin en keukenkater, maar mijn moeder is een rasechte brits korthaar. Ik ben dus eigenlijk half van adel zeg maar. Je weet wel, blauw bloed enzo. Mijn fantastisch uiterlijk heb ik dus duidelijk aan mijn moeder te danken.Ik ben geboren bij een eenvoudig gezin met heel veel andere katten, een handvol kinderen en een nog grotere hand vol honden. Best gezellig.Toen ik 10 weken oud was ben ik zorgvuldig geselecteerd door mijn nieuw vrouwtje. Door deze verhuizing ben ik geüpgrade naar iets heel belangrijks. Mijn nieuwe bediende is namelijk dierentolk.In eerste instantie werd ik ingezet als Revalidatiekat. Mijn vrouwtje moest aan een tumor in haar hoofd worden geopereerd en wilde graag bij de revalidatie bijgestaan worden door een spirituele kat die haar hier doorheen kon helpen. Zij had geen betere keuze kunnen maken. Zij had al twee fantastische honden, maar een kat is natuurlijk een ander verhaal. Katten zijn nou eenmal de betere honden.Toen ik deze taak met verve had vervuld werd ik gepromoveerd en kreeg ik een nieuwe functie. Ik mocht assisteren bij haar cursussen "intuïtief communiceren met dieren". Mijn taakomschrijving is heel divers. Ik moet de cursisten begroeten en hun op hun gemak stellen. Om het ijs te breken haal ik alvast een paar grapjes uit en spring ik in een tas om er vervolgens alle mogelijke spullen uit te halen. Dat vinden ze altijd wel leuk. Dan kijk ik even rond en ga dan bij degene die ik het meest verlegen en natuurlijk het sympathiekst vind op schoot zitten. Dan kan ik al niet meer stuk bij de cursisten.Op sommige cursusdagen wordt er een consult met mij gedaan. Ik ga dan in het midden van de kamer liggen en ga vragen van de cursisten beantwoorden. Dat lijkt wel heel makkelijk, maar je moet je heel goed kunnen concentreren. Hier ben ik heel goed in. Mijn vrouwtje en ik oefenen dit regelmatig en ik klets wat af met haar op deze manier. Wij hebben aan een gedachte genoeg. Ik ben heel geduldig. Het is heel leuk om zo in het middelpunt te staan en iedereen is heel geïnteresseerd in wat ik te vertellen heb.Tussendoor speel ik natuurlijk ook een beetje de gastvrouw. Ik loop een beetje heen en weer, incasseer hier en daar wat complimenten en ben vooral met mijn hele schoonheid en wijsheid aanwezig. Mensen weten dat toch te waarderen.

Al met al heb ik dus een veeleisende en belangrijke baan die ik voor geen goud zou willen ruilen. Door mij leren mensen met dieren te communiceren. Dat is toch heel mooi. Oh ja, mijn vrouwtje leert de cursisten natuurlijk ook nog wel wat. Oh ja, naast deze veeleisende baan houd ik het huis ook nog vrij van muizen, voed ik de nieuwe kater Philou op alsof hij mijn eigen kind is, inspecteer ik het zwembad en houd ik de honden in het gareel. Misschien moet ik maar eens om een loonsverhoging vragen. De crisis is tenslotte bijna voorbij. "

-------------------------------------

 

 

"Het Harry Potter effect"

 

 

Een aantal weken geleden heb ik een workshop valkenieren gevolgd. Iets wat ik altijd al wilde doen. Als dierentolk was ik natuurlijk extra nieuwsgierig hoe het allemaal in zijn werk ging en vooral: vinden de roofvogels dat allemaal wel zo leuk. Ik heb zelf al een aantal keren kauwen en een keer een kraai verzorgd of van dierenbeulen gered. Dit waren zulke bijzondere ervaringen dat het mij nooit meer heeft losgelaten. De bijzondere band die je met een vogel kan opbouwen had ik nooit verwacht. Mijn kauwen waren heel tam en aanhankelijk. Als ik een stap de tuin inzette had ik direct twee kauwtjes op mijn hoofd zitten. Ik hoefde hun namen maar te roepen en zij kwamen van heel ver gevlogen om mij uitbundig te begroeten. Zij luisterden stukken beter dan mijn getrainde herdershonden. Ik nam ze mee op korte wandelingen met de honden en leerde hen pennen van tafel te gooien. Ik was helemaal verliefd op mijn kauwtjes en heel verdrietig toen zij op een gegeven moment oud en gezond genoeg waren om hun eigen weg te gaan. Ik miste ze vreselijk maar mijn doel was juist dat zij zelfstandig konden leven. Toen wij dus op de workshop valkenieren aankwamen was ik erg benieuwd naar de roofvogels. De dag begon met de kennismaking met deze bijzondere dieren. Er waren buizerds aanwezig, valken, uilen, oehoes, een slangenarend en zelfs een gier. Vooral de grote gier van meer dan 3 kilo was indrukwekkend. De dieren zaten allemaal heel rustig op hun paaltje en werden een voor een voorgesteld aan de deelnemers. De vogels vonden het contact met de mensen schijnbaar heel gewoon en zij reageerden heel relaxed en nieuwsgierig. Een uil probeerde zelfs aan mijn oor te knabbelen. Ik was erg onder de indruk van de grote oranje ogen van een van de roofvogels. De diepe blik met de fantastische kleur fascineerde mij mateloos. De roofvogels worden op verschillende manieren ingezet: bij rattenplagen, op luchthavens om vogels te verjagen, voor de jacht of op demonstraties en workshops. In de Oudheid werd de valkerij in het Midden-Oosten beoefend en nog steeds is dit in het Midden-Oosten een met passie beoefende sport. De training, huisvesting en jachtmethode van de valkerij is schijnbaar al eeuwen nagenoeg gelijk. Bellen en tuigage, zoals de valkeniers uit de middeleeuwen al kenden, worden ook nu nog door de valkeniers gebruikt. Het lijkt soms alsof de jachtvogel zijn prooi apporteert, maar als de vogel een prooi heeft bemachtigd wordt deze bedekt met de handschoen waarin een aantrekkelijk stukje vlees wordt vastgehouden als ruil voor de prooi.

Wij leerden tijdens de workshop de basisprincipes, loerdraaien en de valkeniersknoop leggen. Wij kregen ook een demonstratie te zien hoe deze vogels hun buit uit de lucht halen. Wat mij opviel was de nieuwsgierigheid van de vogels en het plezier wat zij blijkbaar beleefden aan de training.Volgens de eigenaren is het houden van deze bijzondere roofvogels uiteraard nogal tijdrovend en intensief. Er moet bij voorkeur elke dag met de vogels gevlogen worden zodat de spieren en conditie zich optimaal kunnen ontwikkelen. Een opleiding als valkenier is dan ook een vereiste om deze bijzondere dieren te kunnen houden. Zij vertelden dat roofvogels van nature eerder lui zijn en alleen jagen omdat zij moeten overleven. In de natuur zitten zij ook uren stil op een vaste plek en komen alleen in actie als zij prooi zien. De dieren straalden een rust en tevredenheid uit die ik niet had verwacht. Al met al een indrukwekkende belevenis.

Wat ons aan het denken moet zetten is dat sommige soorten roofvogels aan de rand van de totale uitroeiing staan als gevolg van de mens. Van alle roofvogels en uilen wordt een groot percentage bedreigd. Volgens een recent artikel maakt de vogelbescherming Nederland zich momenteel zorgen. Zij willen terecht dat het privé houden van roofvogels aan banden gelegd moet worden en er eisen worden gesteld aan de eigenaar. Mensen kopen schijnbaar gewoon via internet een roofvogel omdat zij het stoer vinden een roofvogel thuis te houden of omdat de kinderen teveel Harry Potter films hebben gezien, waarin de witte sneeuwuil Hedwig de post bezorgt voor Harry Potter.

------------------------------------------------